Remy Bonjasky. God in Japan |
|
woensdag 02 april 2008 |
Kickboksen: Dode schenen en stuiterende medicijnballen
Kickboksen lange tijd is het kickboksen afgeschilderd als een sport voor barbaren, zo stelt Mabel van den Dungen in de intro van haar boek over Remy Bonjasky. ’Een vechtsport waar grote mannen, die nog het meest op neanderthalers lijken, elkaar op een dierlijke manier alle hoeken van de ring laten zien. Wilde beesten, die alle regels van beschaafde martial arts als kung-fu, taekwondo en Jeet Kune Do aan hun laars lappen en er maar in het wilde weg op los rossen.’
Toch is K-1 meer. De ‘K’ staat voor karate, kungfu en kickboksen. De term ‘K-1’ is afgeleid van F1 of Formule 1. ‘Net als de afkorting F1 voor Formule 1 in de autosportwereld staat K-1 voor de hoogste klasse in de vechtsport.’ Voor een vechter die mee wil komen in deze sport van het allerzwaarste kaliber, is een Spartaans regime van voeding, trainen en leven strikt noodzakelijk. Van den Dungen had Bonjasky, tweevoudig winnaar van de K-1-finale in 2003 en 2004, in zijn piekperiode geïnterviewd voor het blad Winners en was gefascineerd geraakt door de ‘intelligente, zachtaardige beschaafde man’ die leefde om zijn grote droomdoel te verwezenlijken: drie keer de K-1 winnen.
Lees meer op: . |